ChristenUnie-stemmers verdeeld over praktiserende homoseksuelen in de partij Publicatiedatum: 16-11-2007

Moet het praktiserend homoseksuelen worden verboden om de ChristenUnie te vertegenwoordigen? In opdracht van Netwerk heeft Veldkamp een onderzoek gehouden onder ruim 400 mensen die de afgelopen landelijke Tweede Kamerverkiezingen op de ChristenUnie (CU) hebben gestemd. De stemmers zijn over dit onderwerp erg verdeeld.

Zo vinden evenveel CU-stemmers dat de CU hier een standpunt over in moet nemen, als er stemmers zijn die dit een privé-aangelegenheid vinden. Ook zijn er vrijwel even veel mensen die vinden dat een praktiserende homoseksueel de CU kan vertegenwoordigen, als mensen die vinden dat dat niet kan. Opvallend is echter dat bijna iedereen vindt dat praktiserende homoseksuelen wél mogen doneren aan de partij, terwijl slechts een kleine meerderheid het geen probleem vindt als een praktiserend homoseksueel een bestuursfunctie bekleedt of raadslid, statenlid of kamerlid is. Een krappe meerderheid geeft aan zelf niet op een praktiserend homoseksueel te willen stemmen.

Hoewel de meningen verdeeld zijn over dit onderwerp, zal deze discussie de CU waarschijnlijk niet opbreken bij nieuwe verkiezingen. Slechts 4% geeft aan niet meer op de CU te stemmen als men het praktiserend homoseksuelen officieel toestaat de CU te vertegenwoordigen en 9% geeft aan niet meer op de CU te stemmen indien de CU het homoseksuelen verbiedt. Opvallend is dat slechts een kwart van de stemmers het een goede zaak vindt dat de discussie is aangezwengeld, de meerderheid had kennelijk liever niet gehad dat deze discussie in het openbaar wordt gevoerd.


» Naar 'Nieuws en publicaties'