In Nederland werken nog te weinig professionals met een meldcode kindermishandeling, zo blijkt uit grootschalig onderzoek dat Veldkamp deed onder ruim 2.000 professionals in opdracht van het ministerie voor Jeugd en Gezin.
Lage beschikking Slechts 45% van de professionals in de gezondheidszorg, onderwijs, welzijn en sport, jeugdzorg en rechtsorde beschikt over een meldcode kindermishandeling. Al deze professionals komen in aanraking met kinderen en gezinnen.
‘Dit zijn onaanvaardbare cijfers’, zegt minister Rouvoet van Jeugd en Gezin in reactie op dit onderzoek. ‘We zijn wat het gebruik van meldcodes aangaat, echt het punt van vrijblijvendheid voorbij. We weten dat ze werken terwijl minder dan de helft van de professionals er de beschikking over heeft.’
Behoefte aan scholing Op zich vinden de meeste professionals dat ze qua kennis en vaardigheden voldoende zijn toegerust voor het omgaan met kindermishandeling of vermoedens daarvan, maar de helft van de professionals (52%) zegt op dit moment wel behoefte aan training of scholing te hebben.
Een meldcode helpt Professionals die een meldcode gebruiken, ondernemen vaker actie bij vermoedens van kindermishandeling dan professionals die geen meldcode gebruiken. Met een meldcode - zo blijkt uit het onderzoek - wordt bijna drie keer vaker gemeld bij het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK) dan zonder meldcode. Het gebruik van een meldcode is dus cruciaal voor een effectieve aanpak van kindermishandeling.
Klik hier om het volledige rapport van Veldkamp te downloaden: Onderzoek meldcodes kindermishandeling, april 2008
Voor nadere informatie over het onderzoek kunt u contact opnemen met Ingmar Doeven (tel: 020 522 59 99). |